Komt allen tezamen, jubelend van vreugde:
Komt nu, o komt nu naar Bethlehem!
Ziet nu de vorst der eng'len hier geboren
Komt laten wij aanbidden, komt laten wij aanbidden,
komt laten wij aanbidden die Koning.

De hemelse englen, riepen eens de herders
weg van de kudde naar 't schamel dak.
Spoeden ook wij ons met eerbiedige schreden!
Komt laten wij aanbidden, komt laten wij aanbidden
komt laten wij aanbidden die Koning.

O kind, ons geboren, liggend in de kribbe,
neem onze liefd' in genade aan!
U, die ons liefhebt, U behoort ons harte!
Komt laten wij aanbidden, komt laten wij aanbidden,
komt laten wij aanbidden die Koning.
CCLI 2865941