Wij gaan op weg

Wij gaan op weg met brandend hart,
met een gebed bij elke stap.
Het lied van hoop klinkt door de landen,
zingend van de nieuwe dag.

Tweeduizend jaar - en dag en nacht
brandt deze vlam, verlicht ons land.
Mensen wachten, harten smachten
naar een liefde die verwarmt.

Laat de vlam weer branden, als een helder baken;
als heraut van 't morgenuur.
Laat het lied weer sprank'len, laat de liefde branden,
als een vuur, als een vuur.
De liefde roept, de waarheid spreekt;
dat is de kracht waarmee wij gaan,
om hen die vallen, hen die wank'len
op te vangen in uw naam.
CCLI 2865941